Bedwantsen. Ik lees allerlei gruwelverhalen over het mee naar huis nemen van die beestjes in je rugzak. En eitjes die na 2 jaar nog uitkomen. Vannacht had ik weer twee bulten. Maar die zijn ‘s ochtends weg. Terwijl de bulten op mijn been er nog in volle glorie zitten. Dus die van vannacht zullen wel iets anders zijn geweest. Toch maar een flesje spray gekocht vandaag. Het is gewoon DEET. Spul om de wantsen echt te killen is te giftig om op je kleren/slaapzak te spuiten, zegt de apotheker. Maar hij denkt dat ik wants-vrij ben, omdat ik geen nieuwe beten heb. Hoop dat ie gelijk heeft…
Bij vertrek vandaag is er weer een mooie rode zonsopgang.
De route is vandaag niet al te lang en over makkelijk terrein. Minder hellingen en goede paden. En we hebben tijd genoeg. Dus geen haast bij de koffie onderweg. En we zijn niet de enigen. Iedereen zit lang.
De vader en zoon, die met de twee ezels lopen, hadden we al een paar weken niet gezien. Maar vandaag lopen we steeds in hun buurt. Ze zijn echt een bezienswaardigheid op de route.

Sinds we in Spanje zijn, zien we vrij regelmatig kleine monumenten in de berm, ter herinnering aan pelgrims die onderweg gestorven zijn. Ook vandaag is er weer een. Je vraagt je toch elke keer weer af, wat er dan gebeurd is.
Een paar dagen geleden, schreef ik over de hórreo’s, de graanopslagplaatsen bij de boerderijen. Vandaag zien we er eentje die openstaat, en gevuld is met maïskolven.

We zien de laatste tijd vaak mensen die maïs oogsten. Dat gaat even anders dan in Nederland. De mais wordt niet met grote machines gehakseld. Het gaat hier alleen om de kolven. Ze worden gewoon in emmers geplukt, met de hand.
We komen vrij vroeg aan. En we vinden weer een hele mooie herberg. De slaapzaal is erg groot; wij hebben bednummer 69 en 71. Maar er is maar een handjevol mensen. En die zijn keurig verdeeld over alle uithoeken van de zaal. Vanuit onze bedden lijkt het wel alsof we hier alleen zijn. Het is echt einde van het seizoen. Deze herberg gaat op 15 november ook dicht.
We zitten ‘s middags een poosje met de beheerder te praten. In dit dorp zijn er 3 grote herbergen, en nog verschillende kleinere. ‘s Zomers zijn die gewoon allemaal vol, en komen er mensen die geen bed meer vinden. Wij vinden nu al dat er zoveel mensen wandelen. Je loopt hier nooit alleen. Wat ben ik blij dat we niet in het hoogseizoen zijn.


Hallo wandelaars.
Morgenavond heb ik een etentje met oud collegae. Een van hen is afgelopen jaar ook naar Santiago gewandeld, ben erg benieuwd naar de verhalen. Voor jullie nog veel wandelplezier.
Moet stoppen en zo gaan werken helaas. We zien elkaar in december.
Groetjes Maria Verbiesen.
Veel plezier vanavond!
Nu echt de laatste loodjes. wij bewonderen jullie moed om deze grote kluif aan te gaan. Geniet nog van de aankomst en verblijf in Santiago. Grt Ome Toon en Tante Grada.